Naar inhoud gaan

Aandoeningen van het binoculair zien

Hoe stereotests helpen bij het diagnosticeren, behandelen en verbeteren van aandoeningen van de stereopsis 

Stereotests spelen een cruciale rol bij de beoordeling en behandeling van stoornissen in het stereozien, vooral bij kinderen met aandoeningen zoals strabismus (scheelzien) en amblyopie (ook wel 'lui oog' genoemd, waarbij een oog ondanks optische correctie geen fijne details kan zien). Deze aandoeningen kunnen het vermogen van de hersenen verstoren om de beelden van beide ogen samen te voegen, wat leidt tot verminderde of afwezige diepteperceptie.

Tekorten in stereozien diagnosticeren

Optometristen, orthoptisten en oogartsen gebruiken stereotests om verminderde of afwezige stereopsis op te sporen, vaak een van de eerste aanwijzingen voor problemen met het binoculair zien. Met de Frisby Stereotest kunnen professionals bijvoorbeeld de diepteperceptie beoordelen in een natuurlijk formaat met echte diepte, zonder speciale bril, wat hem ideaal maakt voor jonge kinderen en patiënten die (nog) niet praten. Vroege diagnose is essentieel, omdat behandeling het effectiefst is in de vroege kindertijd, terwijl het visuele systeem zich nog ontwikkelt.

Behandelen en voortgang volgen

Zodra een diagnose is gesteld, bieden stereotests een referentiepunt voor het stereozien en worden ze gebruikt om de voortgang in de tijd te volgen. Als een kind een behandeling ondergaat – zoals afplaktherapie (het sterkere oog afdekken zodat het zwakkere oog harder moet werken), visuele training of corrigerende glazen met prisma's – helpen stereotests professionals om verbeteringen in de diepteperceptie te meten. Door de resultaten van opeenvolgende afspraken te vergelijken, kunnen oogzorgprofessionals bepalen of de behandeling werkt of moet worden aangepast.

Stereopsis verbeteren met gerichte behandeling

Nieuw onderzoek naar neuroplasticiteit wijst erop dat stereopsis met de juiste interventie kan worden versterkt of herwonnen, zelfs na het einde van de kritieke periode van de eerste 6-9 maanden. Veelgebruikte behandelingen die het stereozien kunnen verbeteren zijn:

  • Afplaktherapie – het zwakkere oog stimuleren om actief te worden en sterkere neurale verbindingen te ontwikkelen.
  • Visuele training – een reeks gerichte oefeningen om de oogcoördinatie en de binoculaire functie te verbeteren.
  • Prismaglazen – gebruikt om de beelden van beide ogen weer op één lijn te brengen, wat een betere fusie en diepteperceptie bevordert.
  • Chirurgische correctie (bij strabismus) – bij een ernstige afwijking van de oogstand kan een operatie nodig zijn om de ogen recht te zetten, zodat ze beter kunnen samenwerken.

Door stereotests op te nemen in routineonderzoeken kunnen optometristen, orthoptisten en oogartsen weloverwogen beslissingen nemen over de zorg voor de patiënt, met de best mogelijke uitkomsten voor kinderen met een risico op blijvende visuele beperkingen.